De arbeidsmarkt staat onder hoogspanning, de regelgeving rondom zzp’ers is een terugkerend discussiepunt en het tekort aan arbeidskrachten is voor veel organisaties uitdaging nummer één. In een recente interviewreeks spraken zeven experts met het Public Affairs-team van HeadFirst Group. In de interviews kwamen diverse onderwerpen aan bod, zoals het wetsvoorstel Verduidelijking Beoordeling Arbeidsrelaties en Rechtsvermoeden (VBAR), de Wet toelating terbeschikkingstelling van arbeidskrachten (WTTA), de vertegenwoordiging van zelfstandigen in de polder en de toekomst van een contractonafhankelijk sociaal stelsel. Hun ideeën, inzichten en ervaringen laten zien dat de huidige wet- en regelgeving juridische onzekerheden met zich meebrengt en dat het tijd wordt voor een fundamenteel debat over de inrichting van de Nederlandse arbeidsmarkt.
Kritiek op de VBAR
De VBAR krijgt forse kritiek van meerdere experts. Zo stelt Cristel van de Ven, voorzitter van Vereniging Zelfstandigen Nederland (VZN), dat het advies van de Raad van State bevestigt wat zelfstandigenorganisaties al langer roepen: de wet biedt onvoldoende duidelijkheid en erkent het zelfstandig ondernemerschap van de werkende onvoldoende. Ook VVD-Kamerlid Thierry Aartsen uit stevige kritiek: “Wij staan als VVD achter de WTTA, dit staat ook in het Hoofdlijnenakkoord. Tegelijkertijd hebben wij als VVD grote bedenkingen bij de VBAR. En niet alleen wij, maar vele brancheverenigingen, zzp-organisaties en wetenschappers met ons. Daarom heb ik al eerder aan het kabinet gevraagd: overweeg het om de wet te splitsen, dan kan je alvast aan de slag met het rechtsvermoeden op basis van een uurtarief voor de basis van de arbeidsmarkt.”
Niels van der Neut (universitair docent arbeidsrecht aan de Universiteit van Amsterdam) stelt dat mensen behoefte hebben aan meer duidelijkheid vooraf, maar “dat dit gewoon moeilijk is in een markt die zo divers is.” Het beeld dat er nu helemaal géén duidelijke wetgeving is, klopt volgens Van der Neut niet helemaal. Wel heeft Van der Neut stevige twijfels of “de VBAR de belofte inlost en daadwerkelijk een verduidelijking is ten opzichte van de Deliveroo-gezichtspunten.” Joost van Ladesteijn, partner en advocaat bij Vertex Legal, sluit zich daarbij aan en wijst erop dat de beoogde helderheid van de VBAR nauwelijks effect zal hebben. “Wanneer in 95% van de gevallen het nu duidelijk zou zijn wat de uitkomst is van een beoordeling of een overeenkomst als een arbeidsovereenkomst moet worden aangemerkt, is het best-case-effect van de VBAR non-significant. Beter dan het splitsen van de VBAR is het splitsen van de civiele en fiscale arbeidsovereenkomst.”
De stem van zelfstandigen in de polder
Hoewel zelfstandigen steeds vaker een plek krijgen in de polder, blijkt uit de interviews dat veel experts kritisch zijn op hun vertegenwoordiging. Bart Smals, directeur van de Bovib, vindt dat de belangen van zzp’ers nog steeds te weinig worden meegenomen. Smals stelt dat “voor een goed functionerende polder, het essentieel is dat álle belangen vertegenwoordigd zijn.” Cristel van de Ven is het hier roerend mee eens: “Als werknemers met al hun diversiteit wel vertegenwoordigd kunnen worden in de politiek en polder, waarom zouden zelfstandigen in al hun diversiteit dat dan niet kunnen?”
Hugo-Jan Ruts, hoofdredacteur bij ZiPconomy, voegt daaraan toe dat de polder wordt gedomineerd door conservatieve krachten. Hij is dan ook kritisch op de invloed van de polder op het arbeidsmarktbeleid. Ruts: “Het is hartstikke goed dat partijen zoals de SER meepraten over het arbeidsmarktbeleid, maar laten we eerlijk zijn; de polder wordt wel gedomineerd door klassieke, voornamelijk conservatieve, krachten. Die zijn heel goed in het creëren van draagvlak en het verbeteren van beleid, maar de échte vernieuwing vindt hier niet plaats. Daarvoor zijn andere spelers nodig.” Dit roept dan ook de vraag op: wie neemt het voortouw in het daadwerkelijk hervormen van het arbeidsmarktbeleid?


Stelsel van sociale zekerheid moet op de schop
Naast wet- en regelgeving, is er ook discussie over de inrichting en werking van het stelsel van sociale zekerheid. Thierry Aartsen is van mening dat het arbeidsrecht uit 1907 niet meer aansluit bij de hedendaagse realiteit van de arbeidsmarkt in 2025, en dat het tijd wordt om een fundamentele discussie te voeren over het fiscale en socialezekerheidsstelsel. Aartsen: “Als het argument is dat zelfstandigen niet genoeg bijdragen aan de sociale zekerheid, zeg dat dan eerlijk en ga dáár een discussie over voeren, maar ontneem ze niet de individuele vrijheid om te ondernemen.” Danielle van Wieringen, één van de initiatiefnemers van het Comité ZZP, benadrukt in haar interview het belang van keuzevrijheid: “We maken ons hard voor een eerlijke, eenvoudige oplossing die zelfstandigen keuzevrijheid geeft en kwetsbare werkenden beschermt. Het probleem zit hem niet in de zelfstandigen zelf, maar in het feit dat ons stelsel onnodig complex is. Te veel overheidsbemoeienis kan de flexibele schil van organisaties juist schaden.”
Cristel van de Ven hoopt op een diepgaand debat over een contractonafhankelijk stelsel: “Hoe zorgen we ervoor dat zelfstandigen een volwaardige rol krijgen op de arbeidsmarkt van de toekomst?” SER-kroonlid Josette Dijkhuizen voegt daar een bredere maatschappelijke oproep aan toe: “We moeten meer begrip hebben voor elkaars situatie en echt luisteren naar waarom mensen kiezen voor het zzp-schap. Hoe gaan we invulling geven aan die behoefte aan autonomie en flexibiliteit? Als we de juiste vragen stellen, dan gaan we elkaar ook beter begrijpen.”
Reactief beleid en gebrek aan visie
Een veelgehoorde klacht onder de geïnterviewden is dat de politiek vooral bezig is met symptoombestrijding en geen duidelijke visie heeft op de toekomst van de arbeidsmarkt. Hugo-Jan Ruts vraagt zich af: “Welke rol krijgen zelfstandigen op de arbeidsmarkt? Hoe werken we toe naar een contractneutraal stelsel? Hoe gaan we een volgende stap zetten met elkaar? Het pakket aan maatregelen dat op tafel ligt, zijn mijns inziens vooral reparaties.”
Joost van Ladesteijn is ook kritisch: “Ik durf wel de conclusie te trekken dat wetgeving als arbeidsmarktinstrument de afgelopen dertig jaar weinig succesvol is geweest en in sommige gevallen zelfs averechts heeft gewerkt. Het huidige besturingsmodel lijkt onvoldoende te leren van het verleden en heeft moeite een ingeslagen weg te verlaten. Déjà vu’s zijn onontkoombaar.”

Conclusie: een cruciaal moment voor arbeidsmarktbeleid
De interessante en waardevolle gesprekken met experts laten zien dat er zorgen bestaan over de positie van de zelfstandige op de Nederlandse arbeidsmarkt. Het wetsvoorstel VBAR kan rekenen op stevige kritiek en de vertegenwoordiging van zelfstandigen in de polder moet beter. Ook is er behoefte aan een grondige herziening van de sociale zekerheid, minder verschillen tussen contractvormen en een visie op het arbeidsmarktbeleid. De politiek staat voor een keuze: blijven we pleisters plakken of zetten we een fundamentele hervorming in gang die past bij de arbeidsmarkt van de toekomst?
Vraag een vrijblijvend adviesgesprek aan

Vragen hierover? Neem contact met ons op.
Sem Overduin
Public Policy & Affairs Manager
Sem.Overduin@headfirst.nl
Oifik Youssefi
Public Affairs Officer
Oifik.Youssefi@headfirst.nl
Maaike van Driel
Head of Legal
Maaike.vanDriel@headfirst.group
Thomas ten Veldhuijs
Senior Legal Counsel
Thomas.tenVeldhuijs@headfirst.nl