De overheid moet eerst vertrouwen herstellen voordat nieuwe campagnes effect hebben
Public Affairs-collega’s Sem Overduin en Oifik Youssefi van HeadFirst Group schreven samen het boek De ZZPuzzel, een feitelijke uiteenzetting van het zzp-dossier. Het boek kwam tot stand na vele gesprekken met arbeidsmarktexperts uit de wetenschap, politiek en het maatschappelijk middenveld. Hardnekkige misinformatie, eenzijdige beeldvorming, gebrek aan politieke daadkracht en de complexiteit van het arbeidsrecht maken het dossier een ingewikkelde puzzel. In deze artikelenreeks gaan de auteurs in gesprek met betrokkenen die een aanvullend puzzelstuk aandragen.
Lex Tabak volgt het zzp-dossier al jaren vanuit meerdere perspectieven. Als zorgprofessional en initiatiefnemer van ZZP-erindezorg.nl volgt hij de ontwikkelingen rond schijnzelfstandigheid, handhaving en arbeidsmarktbeleid al jaren op de voet. Daarbij ontpopte hij zich via zijn artikelen tot een veel gelezen criticus van zowel politiek als overheid. Volgens Tabak raakt de huidige handhaving op schijnzelfstandigheid ook grote groepen bonafide zelfstandigen, schiet het beleid zijn doel voorbij en zal de nieuwe campagne “Zo kan zzp wél” pas effect hebben als de overheid eerst het vertrouwen van opdrachtgevers weet te herstellen. Oifik Youssefi gaat met hem in gesprek.
In hoeverre is het zzp-dossier een puzzel volgens jou?
“Wat mij betreft is het geen puzzel. Een puzzel veronderstelt dat we met elkaar aan hetzelfde eindplaatje werken. Dat vraag ik me ernstig af. Ik weet niet of we op weg zijn naar een oplossing of dat we meer te maken hebben met een speelveld waarin verschillende partijen hopen op een oplossing, terwijl een aantal invloedrijke partijen blijft redeneren vanuit één uitgangspunt: het dienstverband is de norm.
Rondom de zzp’er staan partijen die al jaren aantonen dat zelfstandig ondernemerschap voor veel mensen draait om autonomie, regie over werk en professionele vrijheid. De onderzoeken zijn er, de argumenten zijn gewisseld en de voor- en nadelen zijn uitgebreid besproken. Toch staan we in veel opzichten op hetzelfde punt als twintig jaar geleden.
Daarom zie ik het zzp-dossier niet als een puzzel die gezamenlijk wordt gelegd. Eerder als een vreemd schaakspel waarin sommige partijen hopen op verandering, terwijl andere partijen vasthouden aan bestaande uitgangspunten. Commissies als Borstlap hebben integrale perspectieven op de arbeidsmarkt geschetst, maar als je kijkt naar het beleid rond zzp’ers en de arbeidsmarkt, dan zie je vooral dat er wordt gedraaid aan de knop minder flex, meer vast. Een moderne visie op de arbeidsmark ontbreekt nog steeds, ondanks dat werkenden al decennia aangeven dat er behoefte is aan meer flexibiliteit.”
Welk puzzelstuk zou je willen toevoegen aan De ZZPuzzel?
“Voor mij is dat governance. Wat doen we als beleid aantoonbaar effecten heeft die we niet willen? Als we spreken over het aanpakken van schijnzelfstandigheid, dan moet dat gebaseerd zijn op harde cijfers en empirische onderbouwing. Als achteraf blijkt dat vooral de verkeerde groep wordt geraakt, moet daar iets mee gebeuren. Zeker als aan de voorkant van het beleid al gewaarschuwd is voor hetgeen nu praktijk geworden is.
De politiek mag daar wat mij betreft consequenties aan verbinden. Kamerleden stellen voortdurend kritische vragen, maar echte antwoorden blijven uit. Toch mag het beleid door. Het structureel monitoren van effecten blijkt lastig in een politiek veld dat met steeds kortere houdbaarheidsdata kampt. Aan de andere kant heb je een ambtelijk apparaat waarin mensen vaak langer op een dossier zitten. Daardoor kan in feite een machtsverstoring ontstaan waarbij de ambtelijke top meer invloed lijkt te hebben op de beleidsrichting dan de politiek zelf.”
Hoeveel vertrouwen heb jij als zzp'er in politiek en overheid anno 2026?
“Ik heb lang gezocht naar een formulering die hierbij past. Ik ben kritisch, daar maak ik geen geheim van, maar ik vertrouw ook op de goede intenties van mensen. Maar ik geloof op dit dossier niet meer wat de overheid zegt. Ik vertrouw erop dat ambtenaren met goede intenties opstaan ’s morgens, maar ik geloof niet dat wat ons verteld wordt de echte uitgangspunten zijn.
Veel mensen behandelen dit dossier alsof het een stijldans is waarin verschillende perspectieven harmonieus moeten gaan samenkomen. Ik zie eerder een judowedstrijd. Er wordt stevig geworsteld om positie, macht en uitvoering.
Wat mij bijvoorbeeld opvalt, is de mate waarop beleid snel kan verschuiven als het om maatregelen gaat die zzp’ers negatief treffen en dat het allemaal in de verre toekomst ligt als het gaat om wetgeving die de zzp’er moet helpen. Denk nu weer aan de vliegensvlugge afbouw van de startersaftrek. Daar tegenover staat een Zelfstandigenwet wat door vele molens heen moet tot deze (wellicht) pas in 2028 het levenslicht ziet. De jarenlange afbouw van fiscale aftrekposten of een AOV voor zzp’ers afspreken tijdens een pensioenakkoord zijn andere voorbeelden. De campagne Zo kan zzp wél laat een half jaar op zich wachten na aankondiging. Ik zie dit als bewijs van een andere agenda dan het zzp veld wordt voorgehouden.
Arbeidsrechtwetenschapper Niels van der Neut stelde in 2025 dat een laag vertrouwen in overheid en politiek een voedingsbodem kan zijn voor misinformatie. Herken jij dat beeld?
“Ik herken dat zeker en Van der Neut haalt hier een onderzoek van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) aan. Dit is ook van toepassing op het zzp-dossier. Die misinformatie in dit dossier kan ontstaan omdat er geen concreet te maken wetgeving ligt. Dus wordt er online inderdaad van alles geroepen over het zzp-dossier, want het is interpretatie. Maar doet de overheid hier niet aan mee? Ik signaleer ook bij de Rijksoverheid selectieve informatievoorziening waar steeds meer mensen doorheen kijken en dat niet langer vertrouwen. Neem het wetsvoorstel Verduidelijking Beoordeling Arbeidsrelaties en Rechtsvermoeden (VBAR). Die was sterk gebaseerd op de koppeling tussen inbedding en werknemerschap, terwijl de rechtspraak benadrukt dat alle omstandigheden van de arbeidsrelatie meewegen. Het Deliveroo-arrest noemt negen gezichtspunten die in samenhang moeten worden bekeken. Als je vervolgens één of twee elementen centraal stelt en presenteert als dé waarheid, dan kom je gevaarlijk dicht in de buurt van misinformatie.
Of de webstite www.hetjuistecontract.nl, die talloze malen door ministers is aangehaald. De site heeft nog steeds onjuiste informatie online staan in de lijn ‘inbedding = dienstverband’. Terwijl dit juridisch nooit houdbaar geweest is. Het kan allemaal bestaan en niemand grijpt in. Er lijkt wel een soort andere agenda achter te zitten. Ik maakte daarom zelf de stap van misinformatie naar desinformatie.
Het grotere vraagstuk voor mij is hoe dit soort zaken überhaupt kunnen ontstaan en wat de agenda rondom zzp’ers dan wel is. Mijn indruk is dat er bewust ambtelijk ruimte wordt gezocht waar deze juridisch niet bestaat. Waarna de politiek door het veld wordt opgeroepen om het te corrigeren. Dat kost veel tijd. Ondertussen haken veel opdrachtgevers af in de inhuur van zzp’ers. Daarmee veroorzaak je als overheid logischerwijs wantrouwen.”
In hoeverre neem jij een vertrouwensprobleem waar onder zzp'ers?
“In mijn sector, de zorg, zie ik dat heel duidelijk. Dat is bovendien de sector waar relatief gezien de meeste zelfstandigen actief zijn. Via ZZP-erindezorg.nl spreken we dagelijks mensen die hiermee worstelen.
Het vertrouwen wordt op twee manieren aangetast. Ten eerste door het negeren van de bron van het probleem: de slechte werkomstandigheden in een vast dienstverband. Al decennia geven zorgprofessionals aan het werk anders te willen zien, maar zonder succes. Hierdoor is een deel als zzp’er verdergegaan, om vervolgens in een heel verwijtende sfeer terecht te komen. Dat doet het vertrouwen geen goed. Ten tweede is het marginaliseren van zzp’ers in het publieke domein een doorn in het oog. Alsof zzp in zorg en onderwijs niet zouden mogen bestaan en schijnzelfstandigheid een gegeven is. De zorgsector fungeert al jaren als proeftuin voor beleid tegen zelfstandigen. De eerste modelovereenkomst werd gelanceerd in 2015 en de handhaving op schijnzelfstandigheid werd in 2023 al in de zorg opgestart. Vanuit de boodschap ‘inbedding = dienstverband’ zijn we inmiddels jaren aan foutieve beeldvorming verder. Het jarenlang verdacht maken van zzp’ers in de zorg heeft het vertrouwen fors ondermijnd. Het jarenlang verdacht maken van zzp’ers in de zorg heeft het vertrouwen fors ondermijnd.

Je bent kritisch op de manier waarop het kabinet het zzp-dossier aanpakt. Waar zit de kern van die kritiek?
“Iedereen weet dat we fundamenteel anders naar de arbeidsmarkt moeten kijken, maar dit wordt nog steeds genegeerd. Zzp-schap is niet het probleem, maar in zekere zin een symptoom van een arbeidsmarkt die moeite heeft om verschillende vormen van werk een plek te geven.
Bij een fundamenteel andere aanpak van de arbeidsmarkt hoort ook een herziening van de sociale zekerheid, dus dat is geen argument om het huidige stelsel zo te laten. Wat ontbreekt is een authentieke agenda over de toekomst van werk. Er is geen nieuwe visie op een integrale arbeidsmarkt, maar een heimelijke agenda om alles weer terug te brengen naar een vast contract. Het doorstrepen van nulurencontracten, het duurder maken van uitzenden en het belemmeren van zzp’ers zijn daar signalen van. Ministeries blijven symptomen bestrijden zonder de onderliggende oorzaken aan te pakken.”
Het kabinet zet in op consistentie, in de Kamerbrief van 9 april omschrijven ze dat als 'geen zigzagbeleid'. Geeft dat meer rust, denk je?
“Het is een sterke politieke slogan, maar je kunt in plaats van tovertaal ook een oud Hollands gezegd erbij pakken: ‘liever ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald’. De visie van de afgelopen jaren op het zzp-dossier is wat mij betreft heel consistent en gericht tegen de ontwikkeling van deze werkvorm gericht. Dat minister Aartsen expliciet maakt naar nieuw beleid te willen streven is uiteraard prima. Maar niet alleen straks. Als het huidige beleid rondom de aanpak van schijnzelfstandigheid in het hier en nu aantoonbaar ook bonafide zelfstandig ondernemers raakt en je dat erkent, moet je bijsturen als je zegt dat je voor zzp staat. Ook hier heb ik vertrouwen in intenties, maar geloof ik niet dat ‘geen zigzagbeleid’ de werkelijke reden is van niets doen.”
Waarom werkte de vorige Rijkscampagne 'ZZP ja of nee' volgens jou onvoldoende?
“Omdat die campagne sterk leunde op uitgangspunten die vooraf al ter discussie stonden. De ‘inbedding = dienstverband’ gedachte vanuit de VBAR stond juridisch al op losse schroeven toen er een complete website met informatie werd opgetuigd. Er werd selectief gebruikgemaakt van bepaalde elementen uit het Deliveroo-arrest, waardoor de onzekerheid over de arbeidskwalificatie groter werd gemaakt. Het logische gevolg is dat er vooral werd ingezoomd op wat er niet kan in de samenwerking met zzp’ers, gebaseerd op een gedeeltelijke weergave van de juridische werkelijkheid. Daardoor ontstond geen breed begrip van de materie, maar vooral verwarring, angst en onzekerheid.”
Het kabinet komt nu met de campagne 'Zo kan zzp wél'. Denk je dat die beter zal werken?
“Ik noemde de vorige campagne al eens eerder een angstcampagne. Angst activeert psychologisch heel andere mechanismen dan rationele afwegingen. Als je mensen eerst bang maakt, kun je dat niet zomaar herstellen met een nieuwe slogan. Zeker niet als je jarenlang die angst en onzekerheid hebt vergroot.
Bovendien is de naam veelzeggend. Zzp KON namelijk altijd al. Als hetgeen wat al kon nu een aparte campagne nodig heeft, waarom is die oude dan ontstaan? Ik blijf benieuwd naar de echte agenda.”
Waar mag deze campagne absoluut niet aan ontbreken?
“Erkenning dat de vorige communicatie te eenzijdig was en opdrachtgevers op het verkeerde been heeft gezet. Een mea culpa. Als je dat niet doet en alleen wat andere taal gebruikt, blijven mensen zich verhouden tot het oude beeld. Zelfreflectie is essentieel als je als overheid geloofwaardig wilt zijn. De overheid moet wat mij betreft eerst vertrouwen herstellen voordat zo’n campagne effect heeft”
Hoe kijk jij naar de aangekondigde Zelfstandigenwet?
“Ik vind het positief dat zelfstandigen daarmee mogelijk meer juridische borging krijgen. Tegelijkertijd zie ik een patroon. Zoals ik zei: maatregelen die zelfstandigen beperken gaan snel, maatregelen die duidelijkheid moeten bieden duren lang.
In de tussentijd moeten zelfstandigen zelf maar zien hoe ze zich staande houden. Dat creëert onnodige onzekerheid.”
Wat is volgens jou de grootste fout die de overheid de afgelopen jaren heeft gemaakt binnen het zzp-dossier?
“De handhaving op schijnzelfstandigheid was in het verleden gekoppeld aan nieuwe wetgeving. Bij het brengen van meer juridische duidelijkheid, hoorde ook handhaving. De gedachte was: eerst meer helderheid over de spelregels, daarna strikter handhaven. Die beloofde duidelijkheid bleef uit, maar de handhaving bleef in stand. Er ligt nog altijd geen nieuwe wet die de praktijk wezenlijk meer houvast biedt, terwijl de handhaving inmiddels wel volop plaatsvindt. Ook hier weer; dat wat zzp-schap belemmert kan nu alvast, terwijl hetgeen zzp helpt naar achteren geschoven wordt.
Het kabinet verpakt dit door te stellen dat het nodig is om de markt weer te laten wennen aan een werkelijkheid waarin opdrachtgevers geen vrijbrief hebben om met zelfstandigen samen te werken en waarin de Belastingdienst daadwerkelijk kan optreden. Dat begrijp ik op zichzelf, maar je kunt niet wennen aan een niet concrete en onzekere werkelijkheid. Als je afwijkt van de oorspronkelijke belofte van eerst meer duidelijkheid en daarna handhaving, creëer je juist onrust.
Veel opdrachtgevers en zelfstandigen ervaren dat ze worden geconfronteerd met risico’s, terwijl de fundamentele vragen waar ze al jaren mee worstelen nog steeds niet definitief zijn beantwoord. Daarmee versterk je onzekerheid op de markt, terwijl juist het herstellen van vertrouwen een belangrijk doel zou moeten zijn.”
Als overheid en politiek moet je jezelf afvragen hoe je wilt worden gezien door bijna 1,3 miljoen zzp’ers. Dat gesprek wordt onvoldoende gevoerd.”
Stel dat minister Aartsen morgen tegenover je zit. Wat zou je hem adviseren?
“Voer als minister uit waar je als Kamerlid voor stond. De onrust in 2026 is dezelfde onrust waar de VVD bezorgd over was in 2016. De argumenten zijn niet veranderd. Neem de angst voor inhuur weg. Dat kan met de huidige wetgeving alleen als deze aanpak wordt beëindigd, vooral omdat hij zo onzuiver is gecommuniceerd. Zorg zo snel mogelijk voor wetgeving die meer duidelijkheid geeft. En wat mij betreft: stop de handhaving totdat de beloofde duidelijkheid er daadwerkelijk is.”
HeadFirst Group behoudt Gouden EcoVadis rating en stijgt naar top 3% wereldwijd
Bij HeadFirst Group geloven we dat duurzaamheid geen trend is, maar een verantwoordelijkheid. Niet alleen richting onze klanten en professionals, maar ook richting de wereld om ons heen. Dankzij structureel ESG-beleid en concrete acties hebben we onze Gouden EcoVadis-rating behouden en onze score is dit jaar zelfs gestegen naar 81 punten. Daarmee behoren we tot de top 3% bedrijven wereldwijd.
EcoVadis, wereldwijd dé standaard voor duurzaamheidsbeoordelingen, hanteerde dit jaar strengere criteria. Veel bedrijven zagen hun score daardoor dalen. Wij niet. Integendeel: onze score steeg van 74 naar 81 punten. Dit resultaat laat zien dat ons ESG-beleid niet alleen stevig staat, maar ook toekomstbestendig is.
Wat zit er achter die score?
Op het thema Environment (milieu) scoren we hoog: met 90 van de 100 punten zijn we koploper op carbon management. Dat is geen toeval: we hebben ambitieuze CO₂-reductiedoelen én een concreet actieplan, van energie-audits tot hergebruik van IT-hardware en het inkopen van groene stroom. We rapporteren transparant, inclusief Scope 1, 2 én 3 emissies, en laten onze cijfers extern verifiëren. Meetbare impact dus, geen loze belofte.
Ook op het vlak van Social laten we zien waar we voor staan. We zijn een Great Place to Work, investeren in diversiteit en welzijn, en bieden eerlijke kansen voor iedereen. Governance is stevig geregeld, met duidelijke kaders voor ethiek, informatiebeveiliging en verantwoord ketenbeheer. Gesteund door internationale kwaliteits- en veiligheidsstandaarden. In onze keten ligt onze volgende uitdaging: duurzame inkoop nog verder verankeren. De basis is gelegd, nu gaan we doorpakken.

B Corp-certificering
Eerder dit jaar werden we ook een B Corp. een mijlpaal die bevestigt dat ons commitment aan mens, milieu en transparantie diep in onze organisatie verankerd is. Waar EcoVadis onze prestaties meet op vier ESG-thema’s, toetst B Lab organisaties integraal op hun totale maatschappelijke impact. De toetsing is streng: organisaties worden uitgebreid beoordeeld op vijf domeinen (governance, werknemers, milieu, klanten en gemeenschap) en moeten minimaal 80 punten scoren in de B Impact Assessment. Dat is gelukt. Sterker nog: onze certificering laat zien dat we structureel werken aan positieve impact en verantwoordelijkheid nemen voor alle stakeholders. De B Corp-status is voor ons geen eindpunt, maar een verplichting om steeds verder te verbeteren.
Duurzaamheid als leidraad
Duurzaamheid bij HeadFirst Group is geen los project, maar de rode draad van onze strategie. We werken met erkende standaarden en certificeringen, monitoren onze CO₂-voetafdruk en betrekken onze leveranciers actief bij duurzaamheidsdoelen. Zo bouwen we aan duurzame waarde voor vandaag én morgen.
En waarom we dit doen? Omdat we geloven dat een eerlijke arbeidsmarkt, transparantie en een gezonde planeet hand in hand gaan. Met onze verbeterde EcoVadis-score én B Corp-status zetten we koers naar een toekomst waarin duurzame keuzes en maatschappelijke verantwoordelijkheid vanzelfsprekend zijn. We nodigen iedereen uit om mee te doen.

Heb je vragen over dit bericht? Neem gerust contact met ons op via een van onze collega’s.
Natasja Spooren-Wassenaar
Manager Communicatie
natasja.spooren-wassenaar@headfirst.nl
Thomas ten Veldhuijs
Senior Legal Counsel
thomas.tenVeldhuijs@headfirst.nl
Gemma Keijzer
Head of Quality & Compliance
gemma.Keijzer@headfirst.nl
Skip Saegaert
SROI Coördinator
skip.Saegaert@headfirst.nl
HR-tech dienstverlener HeadFirst Group is B Corp gecertificeerd
Met deze prestatie toont het bedrijf zijn toewijding aan duurzaamheid, maatschappelijke verantwoordelijkheid en ethisch ondernemerschap. HeadFirst Group voegt zich bij een wereldwijd netwerk van bedrijven die zich inzetten voor het creëren van zowel economische als maatschappelijke waarde.
Een nieuwe mijlpaal in duurzaam ondernemen
De B Corp Certificering wordt toegekend aan bedrijven die voldoen aan hoge standaarden op het gebied van sociale en ecologische impact, transparantie en verantwoord bestuur. Het is een erkenning voor bedrijven die de lat hoog leggen in hun maatschappelijke- en milieu-impact. Deze certificering sluit aan bij de duurzaamheidsstrategie van HeadFirst Group, die zich richt op het creëren van een positieve invloed op mens, maatschappij en milieu.
Na het behalen van een zilveren en gouden EcoVadis-rating, markeert de B Corp Certificering een nieuwe stap in HeadFirst Group’s streven naar verantwoordelijke bedrijfsvoering. Marion Van Happen, CEO bij HeadFirst Group, zegt hierover: “Dit is niet alleen een mijlpaal voor ons, maar ook een bewijs dat maatschappelijk verantwoord ondernemen essentieel is voor groei en innovatie in de HR-tech sector. We zijn trots pioniers in de sector te zijn.”

Duurzaamheid als kernwaarde van de bedrijfsvoering
Duurzaamheid is een structureel uitgangspunt binnen de strategie van HeadFirst Group. Het bedrijf zet zich in voor een inclusieve arbeidsmarkt, bevordert eerlijke werkrelaties en werkt actief aan het verminderen van de ecologische voetafdruk. In de afgelopen drie jaar heeft HeadFirst Group haar CO2-uitstoot met 30 procent verminderd en de HR-tech dienstverlener streeft naar een verdere reductie van 50 procent in 2025. Daarnaast heeft het bedrijf 98 procent van haar leveranciers betrokken bij duurzame inkooppraktijken, wat aantoont dat duurzaamheid diepgeworteld is in de bedrijfsvoering.
Van Happen voegt toe: “Wij geloven dat duurzame groei niet alleen gaat over economische winst, maar ook over het verbeteren van de wereld om ons heen. Door onze ecologische voetafdruk te verkleinen en onze supply chain te verduurzamen, nemen we verantwoordelijkheid voor de impact die wij hebben op onze planeet.”
Uitstekende B Impact Score en een duurzame toekomst
HeadFirst Group behaalde een B Impact Score van 90,3 uit de maximaal te behalen 200 punten in de B Impact Assessment. Minimaal 80 punten zijn er nodig voor een bedrijf om B Corp te worden. Deze score wordt behaald door prestaties op verschillende gebieden, waaronder bestuur, medewerkers, milieu, klanten en gemeenschap. Met de certificering sluit HeadFirst Group zich aan bij ongeveer 500 B Corps in de Benelux, zoals Bugaboo, Rituals, Tony Chocolonely en Triodos Bank.
De B Corp Certificering is geen eindpunt, maar een continu proces van verbetering. Gecertificeerde bedrijven moeten hun sociale en ecologische impact elke drie jaar herzien om B Corp te blijven. Van Happen concludeert: “Voor de komende jaren hebben we een duidelijke ambitie: ons inkoopbeleid verder verduurzamen en onze maatschappelijke betrokkenheid vergroten. Dat doen we onder andere door lokale gemeenschappen actief te ondersteunen, bijvoorbeeld via vrijwilligerswerk. We blijven ons inzetten voor een duurzamere toekomst en nemen daarin verantwoordelijkheid door samen te werken met klanten, partners en andere stakeholders om duurzame verandering voor de maatschappij te versnellen.”

Heb je vragen over dit bericht? Neem gerust contact met ons op via een van onze collega’s.
Natasja Spooren-Wassenaar
Manager Communicatie
natasja.spooren-wassenaar@headfirst.nl
Thomas ten Veldhuijs
Senior Legal Counsel
thomas.tenVeldhuijs@headfirst.nl
Gemma Keijzer
Head of Quality & Compliance
gemma.Keijzer@headfirst.nl
Skip Saegaert
SROI Coördinator
skip.Saegaert@headfirst.nl
Uurtarieven zzp’ers en gedetacheerden blijven ook in 2024 achter bij cao-lonen
Verwachte tariefstijging in 2025 maximaal 1,5 procent
De uurtarieven van flexibel werkenden, zzp’ers en professionals in dienst van detacheerders, zijn in 2024 gemiddeld 3,6 procent gestegen ten opzichte van 2023. Deze stijging blijft achter bij de gemiddelde cao-loonstijgingen en de tariefstijging van (praktisch geschoolde) zzp’ers. Voor 2025 wordt een beperkte tariefstijging verwacht, tussen de 1 en 1,5 procent. Dit blijkt uit de nieuwste Talent Monitor van arbeidsmarktdata specialist Intelligence Group en HR-tech dienstverlener HeadFirst Group.
Tariefontwikkeling blijft achter bij cao-lonen
Volgens cijfers van het CBS bedroeg de gemiddelde loonsverhoging in cao’s in 2024 6,6 procent, aanzienlijk meer dan de tariefstijging van 3,6 procent voor hoogopgeleide zzp’ers en gedetacheerden. Ook de tariefstijging van (praktisch geschoolde) zzp’ers kwam met 6,5 procent hoger uit. Het gemiddelde uurtarief van een hoogopgeleide zzp’er ligt momenteel op €99,65. Bovenkant formulierOnderkant formulier
“De lichte stijging van de uurtarieven in 2024 is te verklaren door een krimpende vraag en groter aanbod van zzp’ers, de dalende inflatie en de effecten van de (aankondiging) van de handhaving op de wet DBA” zegt Geert-Jan Waasdorp, directeur en oprichter van Intelligence Group. “Omdat de arbeidsmarkt naar verwachting iets minder schaars zal worden in 2025, rekenen we op een matige groei van de gemiddelde tarieven van 1 tot 1,5 procent. Door de eisen van vakbonden, zullen de verschillen in de stijgingen tussen loondienst en zzp'ers in 2025 verder toenemen.”
Vraag naar flexibel talent onverminderd hoog
Waasdorp merkt op dat, ondanks een lichte groeivertraging op de arbeidsmarkt en een afname van het aantal openstaande vacatures, de schaarste aan flexibel werkenden aanhoudt. “Zzp’ers worden gemiddeld 16 keer per jaar benaderd voor een nieuwe opdracht, wat illustreert hoe groot de vraag naar flexibel talent blijft”, aldus Waasdorp.
Marion van Happen, CEO van HeadFirst Group, vult aan: “De arbeidsmarkt blijft krap en daardoor heeft talent nog altijd de regie. Ondanks de voortdurende discussie en handhaving rondom de wet DBA, blijft de keuze voor zelfstandig ondernemerschap populair. Zzp'ers kiezen hun eigen pad, gedreven door vrijheid en flexibiliteit. Bedrijven die hoogopgeleide professionals willen aantrekken, moeten zich aanpassen aan de realiteit van een flexibele arbeidsmarkt en strategieën ontwikkelen om zowel vast als flexibel talent aan zich te binden.”
Meer inzichten in de tariefontwikkelingen van professionals over 2024 en in 2025? Download de Talent Monitor op headfirst.group.
Tariefontwikkeling professionals 2025
Tariefontwikkeling professionals 2025
De Talent Monitor biedt een diepgaande analyse van de trends en ontwikkelingen op de markt voor zelfstandig professionals en gedetacheerden. Dit rapport onderzoekt de impact van de wetgeving, arbeidsmarktbewegingen en de schaarste aan hoogopgeleide zzp’ers, met inzichten over tarieven, vraag en aanbod, en de verwachtingen voor 2025.
Uurtarieven zzp’ers en gedetacheerden blijven ook in 2024 achter bij cao-lonen
De uurtarieven van flexibel werkenden, zzp’ers en professionals in dienst van detacheerders, zijn in 2024 gemiddeld 3,6 procent gestegen ten opzichte van 2023. Deze stijging blijft achter bij de gemiddelde cao-loonstijgingen en de tariefstijging van (praktisch geschoolde) zzp’ers. Voor 2025 wordt een beperkte tariefstijging verwacht, tussen de 1 en 1,5 procent. Dit blijkt uit de nieuwste Talent Monitor van arbeidsmarktdata specialist Intelligence Group en HR-tech dienstverlener HeadFirst Group.

Wat je kunt verwachten:
- Gedetailleerde analyses van arbeidsmarktontwikkelingen en tariefveranderingen.
- Diepgaande inzichten in de invloed van wetgeving (zoals de wet DBA) op de zzp-markt.
- Verwachtingen voor de arbeidsmarkt in 2025, inclusief voorspellingen voor de tarieven en de werkgelegenheidssituatie.
Samenvatting van de belangrijkste bevindingen:
- Het aantal zzp’ers stijgt licht naar bijna 1,1 miljoen, met een toenemende arbeidsmarktactiviteit.
- De tarieven voor zelfstandig professionals blijven achter bij de inflatie en loonstijgingen, met een verwachte stijging tussen de 0,5% en 1% in 2025.
- De vraag naar zzp’ers blijft hoog, maar de flexibiliteit en keuzes van werkenden, vooral zzp’ers, zijn bepalend voor de ontwikkelingen.
Partner

Download Talent Monitor
Met het downloaden van de Talent Monitor ga je akkoord dat jouw gegevens worden gedeeld met mede-initiatiefnemer Intelligence Group.
Andere rapporten...
Talent Monitor: De convergentie van vast en flex
Wij stellen elk kwartaal – op basis van de recruitmentdata van…
Talent Monitor: Vast wordt steeds mobieler en flex steeds duurzamer
Wij stellen elk kwartaal – op basis van de recruitmentdata van…
Talent Monitor: Tariefontwikkeling professionals 2023
Wij stellen elk kwartaal – op basis van de recruitmentdata van…
Doel van kabinet onhaalbaar: geen 1 miljoen ICT’ers in 2030
Terwijl het kabinet streeft naar één miljoen ICT’ers in Nederland tegen 2030, wijst nieuw onderzoek van arbeidsmarktdata specialist Intelligence Group en HR-tech dienstverlener HeadFirst Group erop dat dit doel ver buiten bereik ligt. Zelfs in een scenario van explosieve groei zou Nederland in 2030 maximaal 862.000 ICT’ers tellen. In meer waarschijnlijke scenario’s ligt het aantal nog veel lager: tussen de 628.000 en 783.000. Marion van Happen, CEO bij HeadFirst Group nuanceert: “We hoeven het gestelde doel niet te halen, omdat AI bepaalde rollen van ICT’ers kan overnemen.”
Stagnerende groei ICT’ers
Uit de nieuwste cijfers van de Talent Monitor blijkt dat de ICT-beroepsbevolking in Nederland in het derde kwartaal van 2024 ongeveer 583.000 personen telt. Dit komt neer op 6 procent van de totale werkzame beroepsbevolking. Voor de ontwikkeling van de ICT-beroepsbevolking tot 2030 schetst het rapport vier mogelijke toekomstscenario’s. In het meest optimistische geval is er sprake van een explosieve groei, waarbij het aantal ICT’ers exponentieel toeneemt tot 8,2 procent van de beroepsbevolking, wat neerkomt op 862.000 mensen. Een realistischer vooruitzicht is een lineaire groei naar 783.000 ICT-professionals (7,4 procent). Bij een scenario van stabilisatie groeit het aantal ICT’ers licht naar 628.000. Zelfs een scenario van krimp naar 452.000 ICT’ers (4,3 procent) wordt door de onderzoekers realistisch geacht.
Geert-Jan Waasdorp, directeur en oprichter van Intelligence Group, verklaart: “Sinds 2022 is de groei in het aantal ICT’ers vrijwel tot stilstand gekomen en richting 2030 lijkt stabilisatie het meest voor de hand te liggen. Dit komt mede door een structurele krapte op de arbeidsmarkt, waardoor het lastig is om zij-instromers bij- of om te scholen om aan de groeiende vraag te voldoen. Bovendien hebben andere sectoren zoals de zorg, het onderwijs en de techniek een concurrerende vraag naar arbeidskrachten.”
Kan AI de gevolgen verzachten?
De stagnerende groei in het aantal IT’ers kan grote negatieve gevolgen hebben voor de digitale transitie in Nederland en daarmee voor de arbeidsproductiviteit. Kunstmatig intelligentie (AI) biedt mogelijk verlichting. Grote bedrijven zoals Google en Amazon wijzen erop dat een steeds groter deel van hun softwareontwikkeling wordt ingevuld door AI. Marion van Happen, CEO bij HeadFirst Group, zegt hierover: “Als de AI-trend zich doorzet – en die verwachting is reëel – zal de vraag naar vooral developers op termijn veranderen. In Nederland zal de AI-adoptie geleidelijk verlopen, waardoor de impact op de vraag naar ICT’ers tot 2025 beperkt blijft. Dit betekent wel dat we het doel van 1 miljoen ICT’ers in 2030 niet hoeven te halen om de digitale transitie succesvol te realiseren. Tegelijkertijd blijft het noodzakelijk om zoveel mogelijk groei in de ICT-beroepsbevolking te stimuleren, want AI kan de vraag naar ICT’ers niet volledig vervangen.”
Het volledige rapport is te downloaden op headfirst.group.
Talent Monitor | ICT-arbeidsmarkt in cijfers 2024 - 2025
ICT-arbeidsmarkt in cijfers 2024 - 2025
Sinds de jaren ’90 vormen ICT-professionals de voorhoede op de arbeidsmarkt. Van het introduceren van werk-privébalans tot het pionieren met online platforms zoals LinkedIn, ICT’ers waren altijd voorloper in arbeidsmarktinnovaties. Nu bevindt de sector zich in een cruciale transitiefase die niet alleen de ICT-markt zelf, maar de bredere arbeidsmarkt kan beïnvloeden. Ontdek wat dit betekent voor werkgevers, werknemers en (zelfstandige) ICT-professionals.
Doel van kabinet onhaalbaar: geen 1 miljoen ICT’ers in 2030
Terwijl het kabinet streeft naar één miljoen ICT’ers in Nederland tegen 2030, wijst nieuw onderzoek van arbeidsmarktdata specialist Intelligence Group en HR-tech dienstverlener HeadFirst Group erop dat dit doel ver buiten bereik ligt. Zelfs in een scenario van explosieve groei zou Nederland in 2030 maximaal 862.000 ICT’ers tellen. In meer waarschijnlijke scenario’s ligt het aantal nog veel lager: tussen de 628.000 en 783.000. Marion van Happen, CEO bij HeadFirst Group nuanceert: “We hoeven het gestelde doel niet te halen, omdat AI bepaalde rollen van ICT’ers kan overnemen.”

Wat leer je van dit rapport?
In deze gedetailleerde Talent Monitor brengen wij de huidige trends in de ICT-arbeidsmarkt in kaart:
- Hoe de langdurige groei in het aantal ICT’ers afneemt en de rol van AI in deze verandering.
- De hoge werkgelegenheidsgraad van ICT’ers, zowel in loondienst als als zelfstandige.
- Afname van de vraag: De dalende vraag naar ICT’ers en hoe dit de wervingsstrategieën beïnvloedt.
- Wat werkgevers nu anders doen om ICT’ers aan te trekken, inclusief de impact van de wet DBA.
- Hoe specifieke ICT-vaardigheden de sleutel zijn voor zowel de huidige als toekomstige arbeidsmarkt.
- Wat de stijgende tarieven betekenen voor freelancers in de sector.
- Wat kunnen we verwachten van de dynamiek in de sector, nu AI en globalisering de normen veranderen?
Partner

Download Talent Monitor
Met het downloaden van de Talent Monitor ga je akkoord dat jouw gegevens worden gedeeld met mede-initiatiefnemer Intelligence Group.
Andere rapporten...
Talent Monitor: De convergentie van vast en flex
Wij stellen elk kwartaal – op basis van de recruitmentdata van…
Talent Monitor: Vast wordt steeds mobieler en flex steeds duurzamer
Wij stellen elk kwartaal – op basis van de recruitmentdata van…
Talent Monitor: Tariefontwikkeling professionals 2023
Wij stellen elk kwartaal – op basis van de recruitmentdata van…
Succesvolle vierde editie van de ArbeidsmarktPoort
Op dinsdag 15 oktober kwamen Kamerleden, journalisten, ambtenaren en experts weer bij elkaar in Nieuwspoort voor de vierde editie van de ArbeidsmarktPoort. Deze keer stond het onderwerp ‘de aansluiting tussen het onderwijs en de arbeidsmarkt’ op de agenda. Howel het onderwerp voor werkgevers en onderwijsinstellingen van groot belang is, staat het nog niet hoog op de politieke agenda. Des te meer een reden om met alle belanghebbenden van gedachten te wisselen.
Leven lang ontwikkelen
“Er moet echt gas gegeven worden op het dossier Leven Lang Ontwikkelen”, stelde ROC Mondriaan-bestuursvoorzitter Hans Schutte. Onder leiding van Hans Biesheuvel, oud-voorzitter van ONL voor Ondernemers, ging Schutte in gesprek met Maurice Limmen, voorzitter van de Vereniging Hogescholen. Twee heren met een duidelijke visie op het vraagstuk en een rijke carrière in het onderwijsveld. Limmen kwam dan ook met stevige woorden richting het kabinet: “de onderwijsplannen uit het regeerakkoord noem ik zorgwekkend. Wat mij opvalt is een gebrek aan notie van het om- en bijscholen van de ene naar de andere sector, een visie daarop ontbreekt volledig.”
Vooral in beroepen waar een grote vraag naar arbeidskrachten is – zoals in de techniek, de zorg en ICT – blijkt dat er te weinig gekwalificeerde mensen zijn om aan deze vraag te voldoen. Dit probleem wordt nog verergerd door technologische veranderingen en de vergrijzing van de beroepsbevolking. Al met al zorgt dit voor een toenemende druk op deze sectoren.

Onderwijsinstellingen komen moeizaam mee
Langstudeerboete en arbeidstekorten

Heb je vragen over de ArbeidsmarktPoort? Onze experts staan voor je klaar – laat je gegevens achter en we nemen contact met je op.

Vragen hierover? Neem contact met ons op.
Sem Overduin
Public Policy & Affairs Manager
Sem.Overduin@headfirst.nl
Oifik Youssefi
Public Affairs Officer
Oifik.Youssefi@headfirst.nl
Maaike van Driel
Head of Legal
Maaike.vanDriel@headfirst.group
Thomas ten Veldhuijs
Senior Legal Counsel
Thomas.tenVeldhuijs@headfirst.nl
Rijksoverheid lanceert publiekscampagne aanpak schijnzelfstandigheid
Vanaf 1 januari 2025 komt het handhavingsmoratorium van de Belastingdienst te vervallen. Bedrijven en organisaties die zelfstandigen inhuren, terwijl er feitelijk sprake is van een dienstverband, riskeren vanaf dat moment een naheffing of boete. In het kader van het opheffen van het handhavingsmoratorium, heeft het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid een publiekscampagne gelanceerd. De campagne is gericht op het verduidelijken van de regels rond arbeidsrelaties, met als doel om opdrachtgevers en opdrachtnemers te helpen begrijpen wanneer iemand als zelfstandige werkt en wanneer er sprake is van een dienstverband.
Centraal in de campagne staat een nieuwe website, waarop opdrachtgevers en zelfstandigen informatie en hulpmiddelen kunnen vinden. Een belangrijk onderdeel hiervan is de zogenaamde “keuzetool”. Deze tool bestaat uit tien vragen die zelfstandigen helpen bepalen of ze daadwerkelijk als zelfstandige aan een opdracht bezig zijn of dat er toch veel elementen aanwezig zijn die behoren tot het werknemerschap. De keuzetool geeft echter geen bindend oordeel en biedt advies om een gesprek aan te gaan over het juiste contract. De website somt ook tien kenmerken op die wijzen op zelfstandigheid en tien die passen bij het werken in loondienst. Zo wordt bijvoorbeeld gekeken of een zzp’er commercieel risico draagt, eigen investeringen doet en zelf bepaalt hoe het werk wordt uitgevoerd. Kenmerken van loondienst zijn onder andere structureel werk binnen een organisatie, vaste werktijden en een inspanningsverplichting. Belangrijk hierbij is dat niet één enkel kenmerk doorslaggevend is; alle factoren moeten in samenhang worden bekeken, wat de beoordeling soms complex maakt.
Nieuwe inzichten geeft de website niet. De voorbeelden van tien concrete situaties die worden uitgewerkt kwamen al terug in de Memorie van Toelichting van de conceptwet Verduidelijking Beoordeling Arbeidsrelaties en Rechtsvermoeden (VBAR). Verder wordt er op de webpagina verwezen naar de webmodule, maar in deze webmodule wordt geen rekening gehouden met de gezichtspunten en elementen uit het Deliveroo-arrest. Naar aanleiding van de publiekscampagne en de website heeft Kamerlid Thierry Aartsen (VVD) schriftelijke vragen gesteld aan de bewindspersonen Van Hijum en Idsinga.
Wij adviseren en ondersteunen onze opdrachtgevers en zelfstandig professionals op basis van een kader gebaseerd op de gezichtspunten en elementen die voortvloeien uit het Deliveroo-arrest. In overleg met beide partijen gaan wij op zoek naar een passende oplossing, die per situatie kan verschillen. Mocht je hier meer over willen weten, neem dan contact met ons op.

DGA-constructie geen oplossing voor schijnzelfstandigheid
Met de opheffing van het handhavingsmoratorium per 1 januari 2025 hebben veel zelfstandigen vragen: “Kan ik mijn huidige opdracht voortzetten? Kan ik blijven werken voor dezelfde opdrachtgever(s)?” Door de veranderende wetgeving en misleidende informatie in de media is er veel verwarring, vooral over het voorkomen van een ‘schijnzelfstandige’-status. Een vaak genoemde oplossing is het oprichten van een bv en jezelf aanstellen als DGA, maar dit is een misvatting. In dit artikel leggen we de werkelijke situatie uit.
Andere tarieven
De Belastingdienst kent het begrip ‘zzp’ niet; fiscaal gezien wordt een zelfstandige zonder personeel gezien als een eenmanszaak of een besloten vennootschap (bv). Uit het rapport ‘Grip op het zzp-dossier‘, uitgevoerd door kennisplatform ZiPconomy in opdracht van HeadFirst Group en ONL voor Ondernemers, blijkt dat in 2023 één op de tien zzp’ers een bv had, terwijl negen op de tien een eenmanszaak hadden. Bij een eenmanszaak is de ondernemer persoonlijk aansprakelijk voor schulden van de onderneming.
Bij een bv blijft deze aansprakelijkheid in principe bij de bv zelf en niet bij de bestuurders of aandeelhouders. Een bv oprichten kan ook fiscale voordelen opleveren, omdat er andere belastingtarieven gelden. Waar je bij een eenmanszaak inkomstenbelasting betaalt in box 1, betaal je bij een bv belasting in box 2. Wel is men het erover eens dat deze belastingvoordelen pas relevant worden bij een minimale jaarwinst van 100.000 tot 200.000 euro.

Schijnzekerheid
Professionals en adviseurs adviseren op social media regelmatig zelfstandigen om een bv op te richten en zichzelf als directeur-grootaandeelhouder aan te stellen. Dit zou hen beschermen tegen de risico’s van schijnzelfstandigheid. De Belastingdienst beoordeelt echter de aard van de arbeidsrelatie, ongeacht de juridische vorm.
Praktijk in plaats van rechtsvorm
Het feit dat iemand via een bv werkt betekent niet automatisch dat er geen sprake kan zijn van schijnzelfstandigheid. Het draait uiteindelijk om de ‘feiten en omstandigheden bij de uitvoering van de werkzaamheden’. De praktische situatie is leidend, waardoor het van belang is om je daadwerkelijk als zelfstandig ondernemer te gedragen.
Het Deliveroo-arrest
In het Deliveroo-arrest heeft de Hoge Raad tien belangrijke punten op een rij gezet om te bepalen of er sprake is van een echte arbeidsovereenkomst. Deze moeten altijd in samenhang worden bekeken; er is geen vaste volgorde of punt dat zwaarder weegt dan de ander. Het draait om het totaalplaatje van alle feiten en omstandigheden. Samen geven ze een goed beeld van de werkrelatie en bepalen ze of er sprake is van een arbeidscontract.
Bij HeadFirst Group adviseren en ondersteunen wij onze opdrachtgevers en zelfstandig professionals op basis van een kader gebaseerd op de punten van het Deliveroo-arrest. In overleg met beide partijen gaan wij op zoek naar een passende oplossing, die per situatie kan verschillen.
Wet en regelgeving verandert continu. Ontdek hoe dit jouw externe inhuur beïnvloedt. Onze experts staan voor je klaar – laat je gegevens achter en we nemen contact met je op.

Vragen hierover? Neem contact met ons op.
Sem Overduin
Public Policy & Affairs Manager
Sem.Overduin@headfirst.nl
Oifik Youssefi
Public Affairs Officer
Oifik.Youssefi@headfirst.nl
Maaike van Driel
Head of Legal
Maaike.vanDriel@headfirst.group
Thomas ten Veldhuijs
Senior Legal Counsel
Thomas.tenVeldhuijs@headfirst.nl

















